In den beginne was er de verplaatsing van de bibliotheek van Gebouw 48 naar de Boerderij aan de Beatrixlaan, de huidige plaats van de bibliotheek. Als opgeschoten jeugd trokken wij trouw elke maandag en donderdag naar deze voor ons als ontmoetingsplaats dienende gelegenheid. Er werd natuurlijk af en toe flink geouwehoerd, zodat de bibliotheek niet dat rustpunt was, wat het eigenlijk zou moeten zijn. Regelmatig werden we verzocht naar buiten te gaan als we onze boeken hadden omgeruild, zodat ons verblijf aldaar tot een minimum beperkt bleef. Dan stond je daar buiten met z’n allen. Dat was op zich niet erg, maar het weer in Nederland is nu niet altijd geschikt om gezellig buiten te staan.

Zo kwamen Bert van Veen en Anita Gort op het idee om een jeugdsoos in te richten in Gebouw 48. na wat gesprekken met de gemeente werd er een subsidie verstrekt voor de inrichting en de geluidsapparatuur. In de vakantieperiode werd een begin gemaakt met de bouw van een heuse bar. Met deskundige assistentie van Gezinus van der Scheer (juist ja, de vader van Bart) werd een schets gemaakt van hoe het zou moeten worden. Het materiaal werd gekocht bij Ab Ijdens. Ab heeft ons van al die tijd dat we bezig waren geholpen. Het op maat zagen en allerlei andere zaken werden niet in rekening gebracht. Zo begon de jeugdsoos, toen nog zonder naam, enige vorm te krijgen. De stereoapparatuur werd aangeschaft en voor een krat bier haalden we de volledige inrichting wat betreft de zitmeubelen. Overigens mocht er in het begin geen bier worden geschonken in de soos. We hadden echter al snel in de gaten dat hierdoor de kans op succes verkleind zou worden.

Na overleg met de gemeente, de heer Toebes, werd de oplossing gevonden door een besloten club te worden. Dit had tot gevolg de oprichting van een vereniging. We kregen dus leden. Dit was ook ongeveer de dat er een naam werd bedacht. De naam Papparazo kwam na een actie hieromtrent uit de bus. Nadat men in het begin wat angstig tegenover de jeugdsoos stond, jeugdsozen hadden over het algemeen een slecht imago, kwam al snel een periode van groei. We organiseerden regelmatig diverse activiteiten en de omzet en contributies waren van dien aard dat we af en toe geld konden reserveren.

Natuurlijk moesten we in het begin regelmatig nieuwe, vaak wat kleinere, investeringen doen. De groei remde daarna wat af en er trad een periode van stabiliteit van het ledenaantal op. De oorzaak is heel natuurlijk te noemen. De initiatiefnemers waren inmiddels uit beeld verdwenen en een nieuwe club mensen van een jongere groep met andere ideeën diende zich aan. De jeugdsoos is eigenlijk een uniek gebeuren, doordat iedereen ouder wordt en op een gegeven moment de betrokkenheid bij de soos verliest, zijn er vele bestuursleden gekomen en gegaan. Toch bleef de soos bestaan. Er waren steeds voldoende mensen om te besturen en een beleid te maken, om te organiseren en te leiden. Dat siert de jeugd van Oosterhesselen en daarom is het ook een prestatie te noemen, dat zonder noemenswaardige problemen deze mijlpaal is bereikt.